donderdag 26 november 2009
Mugabe and the White African
Een prachtige film op het IDFA 'Mugabe and the White African'. Buiten dat het een heftig verhaal was; blanke Zimbabwaanse boer, is 1 van de blanke boeren in Zimbabwe die in het kader van Mugabe's landhervormingsprogramma zijn grond moet opgeven. En behalve het feit dat ik het ongelooflijk knap vond dat de documentairemaker bijna overal bij was, op het moment van dreiging was hij er, op het moment dat er insluipers waren op het land, net niet toen ze zwaar mishandeld werden, bij de rechtszaak etc..., was de film heel eigen in zijn kaders. Mooie close shots, waarin veelal een groot gedeelte, soms wel de helft, van het shot onscherp was, en in de rest van het shot zag je dan een gedeelte van iemands gezicht. Later werd duidelijk wat er dan onscherp was, een stuk stro, een stuk papier. Soms werd er ineens driekwart van het shot bedekt door een grijzig stuk stof en bleek 1 of 2 shots verder pas dat het om een jas ging die 1 van de boeren aantrok. Het werd steeds consequent gedaan, vaak aan het begin van een nieuwe scene. Je kunt t simpel afdoen als een vormpje, maar dan wel een hele mooie, en een goed werkende. Met als gevolg dat je keer op keer, gelijk in de volgende scene zat.
Erbuiten belangrijker dan erbinnen
Kaders. Daar ging de laatste les over. Wat laat je zien en wat niet. Vooral datgene wat je niet, of liever, heel gedeeltelijk laat zien, maakt het beeld.
Ik houd van close-ups, kruip er altijd het liefst dicht bovenop. Soms laat ik alleen gedeelten van gezichten zien in reportages. Maar zover als Suzanne Bier in haar film 'After the wedding' gaat, durf ik nog niet te gaan. Op vele momenten laat deze regiseusse slechts een oog en de rimpeltjes daaromheen zien, of zie je een stuk oog en een stuk neus. Zo dichtbij komn je in het dagelijks leven nog nieteens. Haar kaders vind ik prachtig en ook een eye-opener. Een eye-opener in de kaderles was de zin 'Wat je buiten het kader laat, is misschien nog wel belangrijker dan wat er in het kader zit.'Dat roept spanning op. Ik kon me er eerst niet zoveel bij voorstellen. Het leek me ook heel moeilijk, hoe wek je dan de suggestie dat datgene zich wel buiten het kader bevindt. De kijker moet dat wel weten, of voelen. We kregen een dansfilm te zien. Een film over een dans in het theater. De kaders dwongen je om naar slechts een beperkt deel van de dans te kijken. Je kon zelfs niet anders, want meer liet de film simpelweg niet zien. En het riep spanning op. Ik wist dat er twee dansers waren, dat begingegeven heb je nu eenmaal wel nodig. Maar daarna zag je van de 1 slechts een arm in beeld en van de ander een stuk van het gezicht, of twee armen, of twee handen, of een beweging van een rug naar een arm. nou ja, zo kan ik nog wel even doorgaan. De mooiste momenten uit de film vond ik de momenten dat je 1 van de personen een lange tijd niet, of slechts heel gedeeltelijk zag. In plaats van dat ik me bezig ging houden met wat ik wel zag, hield ik mij, jawel, bezig met wat ik niet zag. En daar was dus het bewijs. Dat moest ik zelf ook proberen. In 1 van de lokalen, zag ik een klein groepje, op grote vellen tegen de muur lichamen tekenen. Vrij grof, in grote lijnen, puur de vormen, levensgroot. Het waren mooie bewegingen die de tekenaars maken. Hun armen gingen mee met de arm die ze tekenenden. In een beweging werd er een lichaam van top tot teen op papier gezet. De tekenaars bewogen met hun pennen tot aan de grond. Het was een mooi gezicht. Dit ging ik filmen. Uiteraard kreeg ik niet gelijk de mooie bewegingen, synchroon lopend met getekende, direct op camera. Natuurlijk stopte de persoon ineens halverwege toen ik net de camera aan had staan. Maar goed, het is uiteindelijk gelukt. een shot van ruim 30 sec. van een vrouw die in mijn kader begent te tekenen, vervolgens gedeeltelijk buiten het kader tekent, em dan weer in het kader, dan weer een stuk erbuiten, ik pan een stukje mee, en dan floep verdwijnt ze uit beeld en blijft mijn kader nog even staan. Misschien wel het leukste moment..
Ik houd van close-ups, kruip er altijd het liefst dicht bovenop. Soms laat ik alleen gedeelten van gezichten zien in reportages. Maar zover als Suzanne Bier in haar film 'After the wedding' gaat, durf ik nog niet te gaan. Op vele momenten laat deze regiseusse slechts een oog en de rimpeltjes daaromheen zien, of zie je een stuk oog en een stuk neus. Zo dichtbij komn je in het dagelijks leven nog nieteens. Haar kaders vind ik prachtig en ook een eye-opener. Een eye-opener in de kaderles was de zin 'Wat je buiten het kader laat, is misschien nog wel belangrijker dan wat er in het kader zit.'Dat roept spanning op. Ik kon me er eerst niet zoveel bij voorstellen. Het leek me ook heel moeilijk, hoe wek je dan de suggestie dat datgene zich wel buiten het kader bevindt. De kijker moet dat wel weten, of voelen. We kregen een dansfilm te zien. Een film over een dans in het theater. De kaders dwongen je om naar slechts een beperkt deel van de dans te kijken. Je kon zelfs niet anders, want meer liet de film simpelweg niet zien. En het riep spanning op. Ik wist dat er twee dansers waren, dat begingegeven heb je nu eenmaal wel nodig. Maar daarna zag je van de 1 slechts een arm in beeld en van de ander een stuk van het gezicht, of twee armen, of twee handen, of een beweging van een rug naar een arm. nou ja, zo kan ik nog wel even doorgaan. De mooiste momenten uit de film vond ik de momenten dat je 1 van de personen een lange tijd niet, of slechts heel gedeeltelijk zag. In plaats van dat ik me bezig ging houden met wat ik wel zag, hield ik mij, jawel, bezig met wat ik niet zag. En daar was dus het bewijs. Dat moest ik zelf ook proberen. In 1 van de lokalen, zag ik een klein groepje, op grote vellen tegen de muur lichamen tekenen. Vrij grof, in grote lijnen, puur de vormen, levensgroot. Het waren mooie bewegingen die de tekenaars maken. Hun armen gingen mee met de arm die ze tekenenden. In een beweging werd er een lichaam van top tot teen op papier gezet. De tekenaars bewogen met hun pennen tot aan de grond. Het was een mooi gezicht. Dit ging ik filmen. Uiteraard kreeg ik niet gelijk de mooie bewegingen, synchroon lopend met getekende, direct op camera. Natuurlijk stopte de persoon ineens halverwege toen ik net de camera aan had staan. Maar goed, het is uiteindelijk gelukt. een shot van ruim 30 sec. van een vrouw die in mijn kader begent te tekenen, vervolgens gedeeltelijk buiten het kader tekent, em dan weer in het kader, dan weer een stuk erbuiten, ik pan een stukje mee, en dan floep verdwijnt ze uit beeld en blijft mijn kader nog even staan. Misschien wel het leukste moment..
zaterdag 7 november 2009
Vormstudies
Gaas
Wat gaas allemaal kan zijn. ‘T was vooral uitproberen met er dicht bovenop zitten. En het gaaskunstwerk juist van veraf fotograferen. Ik vond als je gewoon zag wat het was, dan waren het gewoon stukken gaas (wit en gekleurd, sommige stukken zelfs half afgebrand volgens mij) op een muur. Maar ook niet meer dan dat. De foto deed zelfs geen recht aan het werk. Plat en nietszeggend. Maar als ik er heel dicht op kroop, of bovenop een stoel ging staan en er dan schuin op ging fotograferen. Dan gebeurde er wat. Vooral dat er schuin op gaan staan, schuin tov het platte vlak, dat wekte goed. Dan ging ‘t gaas opeens veel meer leven. Maar dat zegt eigenlijk niet zoveel over kaders, waar het vandaag over ging, maar over standpunten. Maar goed, wat mij wat betreft het kadreren opviel, was dat sommige stukken gaas ineens ‘spannend’ werden als ik er heel close op ging staan. Een open kader. En ook een open deur, maar ja, je moet het eerst altijd weer ervaren voor het kwartje echt valt.
Je zag niet direct wat het was. Ik zag zelf in bepaalde stukken gaas op een gegeven moment mensen- en dierenkoppen ontstaan, of een kruising daartussen. De stukken gaas zijn afgescheurd, waardoor ze er uitzagen als vreemde wezens, wanneer je er bovenop ging staan. Daarna op zoek gegaan naar meerdere koppen van mens of dier in materiaal ergens anders op de akademie. Maar uiteraard, ik had het kunnen weten. Als je er naar gaat zoeken, vind je het niet. Daarom maar andere objecten gezocht, om daarbij vervolgens met de kaders te gaan spelen. Maar niet zo ‘spannend’, wat een vreselijk woord eigenlijk voor een ordinair stuk gaas, als m’n beginobject.
Wat gaas allemaal kan zijn. ‘T was vooral uitproberen met er dicht bovenop zitten. En het gaaskunstwerk juist van veraf fotograferen. Ik vond als je gewoon zag wat het was, dan waren het gewoon stukken gaas (wit en gekleurd, sommige stukken zelfs half afgebrand volgens mij) op een muur. Maar ook niet meer dan dat. De foto deed zelfs geen recht aan het werk. Plat en nietszeggend. Maar als ik er heel dicht op kroop, of bovenop een stoel ging staan en er dan schuin op ging fotograferen. Dan gebeurde er wat. Vooral dat er schuin op gaan staan, schuin tov het platte vlak, dat wekte goed. Dan ging ‘t gaas opeens veel meer leven. Maar dat zegt eigenlijk niet zoveel over kaders, waar het vandaag over ging, maar over standpunten. Maar goed, wat mij wat betreft het kadreren opviel, was dat sommige stukken gaas ineens ‘spannend’ werden als ik er heel close op ging staan. Een open kader. En ook een open deur, maar ja, je moet het eerst altijd weer ervaren voor het kwartje echt valt.
Je zag niet direct wat het was. Ik zag zelf in bepaalde stukken gaas op een gegeven moment mensen- en dierenkoppen ontstaan, of een kruising daartussen. De stukken gaas zijn afgescheurd, waardoor ze er uitzagen als vreemde wezens, wanneer je er bovenop ging staan. Daarna op zoek gegaan naar meerdere koppen van mens of dier in materiaal ergens anders op de akademie. Maar uiteraard, ik had het kunnen weten. Als je er naar gaat zoeken, vind je het niet. Daarom maar andere objecten gezocht, om daarbij vervolgens met de kaders te gaan spelen. Maar niet zo ‘spannend’, wat een vreselijk woord eigenlijk voor een ordinair stuk gaas, als m’n beginobject.
Abonneren op:
Posts (Atom)